Bijbelstudiemagazine

In het seizoen 2023/2024 wordt op de vrouwenkringen een het Bijbelboek Openbaring behandeld. De Bijbelstudies zijn geschreven door ds. M.K. de Wilde uit Nunspeet. Alle Bijbelstudies staan in één magazine. Daarbij zijn gespreksvragen opgenomen, gebeds- en dankpunten en creatieve verwerkingen.

Wanneer je lid wordt van een vrouwenkring, krijg je automatisch het Bijbelstudiemagazine en het Vrouw tot Vrouw magazine.

In het Bijbelstudiemagazine vind je de volgende Bijbelstudies:

Inleiding – Leven in de eindtijd
1. Wees niet bang – Openbaring 1
2. Jezus staat buiten – Openbaring 3
3. De troon, het boek en het Lam – Openbaring 4-5
4. Vier ruiters – Openbaring 6
5. Strijd en vrede – Openbaring 7
6. Hoopvol en moedig getuigen – Openbaring 11
7. Overwonnen vijand – Openbaring 12
8. Twee beesten – Openbaring 13
9. Gods nieuwe wereld – Openbaring 21
10. God woont bij de mensen – Openbaring 21

Je kunt hier de Bijbelstudie over Openbaring 1 lezen.

Bijbelstudie 2 - Jezus staat buiten

Lezen: Openbaring 3:14-22

Zingen:
– Ps. 139 vers 1 en 14
– Ps. 32 vers 3
– Ps. 25 vers 4
– WK 287
– WK 56

Titel: Jezus staat buiten

Intro
Stel je eens voor dat de Heere Jezus in onze gemeente op bezoek zou komen, Hij maakt onze kerkdiensten, Bijbelkringen en andere bijeenkomsten mee, merkt hoe we in de gemeente met elkaar omgaan en ervaart welke plek we als gemeente in onze stad of ons dorp innemen. Wat zou Hij over ons zeggen? Die vraag komt bij je boven als je de zeven brieven in Openbaring 2 en 3 doorleest.

Brief
Openbaring 2 en 3 hebben een wat ander karakter dan de overige hoofdstukken van Openbaring. Ze herinneren ons eraan dat Openbaring behalve alleen een Bijbelboek, tevens een brief is (1:3), gericht aan zeven gemeenten in Asia (1:4). In hoofdstuk 2 en 3 richt de Heere Jezus Zich persoonlijk tot elk van deze zeven gemeenten. Samen staan ze voor Christus’ hele kerk. De sterke en zwakke kanten van de afzonderlijke gemeenten zijn van alle tijden, net als de roeping en de bedreigingen.

Buiten (vers 20)
We letten in deze Bijbelstudie op één van de brieven: die aan de gemeente van Laodicea, een stad in het zuiden van het huidige Turkije. Het is een heftige brief. Jezus zegt nogal wat, zeker in vers 20. In dat kernvers zegt Hij: ‘Zie, ik sta aan de deur en Ik klop.’

Wanneer klop je op een deur? Als je buiten staat en ergens naar binnen wilt. Jezus staat dus buiten, terwijl het hier gaat om christenen!

We kunnen hierbij denken aan ongelovigen in de gemeente, mensen die wel bij de gemeente horen, maar de Heere Jezus niet echt kennen, meelopers of naamchristenen. Veel uitleggers zijn er echter van overtuigd dat we vooral moeten denken aan gelovigen die lauw zijn geworden, oppervlakkig zijn gaan leven, zich hebben aangepast aan de mensen om hen heen en van de Heere Jezus en Zijn woorden zijn afgedwaald, op zo’n manier dat Jezus eigenlijk buiten staat.

Ze hebben het niet eens in de gaten. Als we aan de christenen in Laodicea gevraagd hadden hoe het in de gemeente ging, zouden ze gezegd hebben: ‘Het gaat prima, niets aan de hand, in elk geval niets bijzonders.’

Zelfgenoegzaam en zelfredzaam (vers 17a)
Zo’n reactie past bij de hele sfeer in Laodicea en het levensgevoel van de inwoners. Laodicea was een rijke stad, er werd veel geld verdiend in de handel, het bankwezen en de textielindustrie. Ook op medisch gebied was men er heel ver. Jezus spreekt in vers 18 over ogenzalf, daar stond Laodicea om bekend.

De mensen waren trots op wat ze bereikt hadden. Hun rijkdom gaf hun het gevoel dat ze de hele wereld aankonden. Toen de stad in het jaar 60 getroffen werd door een zware aardbeving, en de Romeinse keizer Nero hulp aanbood, wezen de mensen in Laodicea die hulp af. Niet nodig, we doen het zelf wel. Die zelfgenoegzaamheid en die zelfredzaamheid waren ook doorgedrongen in de christelijke gemeente. Ook de christenen in Laodicea voelden zich rijk en sterk en hadden niet zoveel nodig. Zelfs de Heere Jezus hadden ze niet zo nodig, daarom stond Hij buiten.

Ik kan niet zonder U
Toen ik dit Bijbelgedeelte las, moest ik denken aan een mooi lied van Christian Verwoerd: Ik kan niet zonder U. Het begint zo:

Laat mij vol zijn van U, heel de dag die voor me ligt,
Laat me sterk zijn als ik voor mijn taken sta.
Laat de keuzes die ik maak op Uw glorie zijn gericht,
Heer, geef mij Uw wijsheid vandaag.

Laat mij liefdevol zijn als Uw warmte wordt gemist,
Laat mij scherp zijn als de waarheid wordt verdraaid.
Laat mijn daden mogen spreken als een goed getuigenis,
Heer, geef mij Uw wijsheid vandaag.

‘Ik kan niet zonder U …’ Dat is toch geloven, net als steeds weer bidden: ik kan niet zonder U Heere Jezus, helpt U mij, redt U mij, zegent U mij, anders komt er niets van mijn leven terecht.

Lauw (vers 16 en 17b)
Dit gebed zijn de christenen in Laodicea echter verleerd, Jezus staat buiten. Wat ben je dan arm, hoe rijk je je misschien ook voelt. Dat is wat de Heere Jezus in vers 17 tegen hen zegt: ‘Jullie zijn ellendig, beklagenswaardig, arm, blind en naakt.’

In vers 16 maakt Jezus een vergelijking met het water in Laodicea. Dat was in die tijd lauw omdat het via een aquaduct aangevoerd moest worden. Heel anders dan het frisse en koele water van Kolosse of het hete water van de geneeskrachtige heetwaterbronnen van Hiërapolis, steden in de buurt van Laodicea. Nu zegt Jezus tegen de christenen in Laodicea: ‘Als Ik naar jullie leven kijk, dan kan Ik alleen maar zeggen dat jullie net zijn als dat lauwe vieze water.’ Sterker nog, Hij zegt: ‘Ik zal jullie uit Mijn mond spuwen!’

Liefde (vers 19)
Is dat Jezus, Dezelfde Die in Openbaring 1 zegt: Wees niet bevreesd? Ja, dat is ook Jezus: heel erg boos als we Hem buiten ons leven houden of opnieuw buiten zetten. Juist omdat Hij ons zo liefheeft! Zo zegt Hij het ook in vers 19: ‘Ieder die Ik liefheb wijs Ik terecht en bestraf Ik.’ Met deze harde woorden laat Hij merken dat het zo niet kan blijven, je kunt Hem niet buiten laten staan. Daarom ook die oproep in vers 20: ‘Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop.’ Jezus wil naar binnen, Hij wil dat er een einde komt aan de verwijdering en de afstand. Daarom gebruikt Hij het beeld van de maaltijd, Hij wil dat de deur van ons hart wijd opengaat zodat we (opnieuw) samen met Hem gaan leven.

Jezus binnenlaten
‘Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop.’ Wat is ons antwoord? Misschien wel: Heere Jezus, ik ben niet beter dan die christenen in Laodicea. Ik heb de deur voor U opengedaan en mag weten dat U ook mijn Redder en Zaligmaker bent, maar ik ben toch nog zo geneigd om langs U heen te leven en U weer buiten te zetten. Veel te vaak doe ik dat ook, los ik het zelf wel op, vertrouw ik op mijn eigen inzicht en laat ik me niet leiden door Uw woorden. Veel te vaak zoek ik ook een tussenweg, leef ik niet radicaal voor U. Wilt U dat vergeven en wilt U weer bij me binnenkomen?

Dit is wel een spannend gebed, want wat doet de Heere Jezus met ons als Hij dan binnenkomt? Wat moet er veranderen, wat moeten we loslaten, wat zal Hij van ons vragen? Tegelijkertijd is dat precies wat we nodig hebben: het is nodig dat Hij ons bekeert en vernieuwt, bevrijdt van onszelf en onze eigen belangen, en ons ombuigt naar God en de dingen van Zijn koninkrijk.

Misschien denkt iemand: ik weet dat ik Jezus nodig heb omdat ik dan pas echt rijk ben, maar ik krijg de deur van mijn hart niet open, wat ik ook probeer. Dat mogen we eerlijk tegen Hem zeggen. Als het Zijn verlangen is om binnen te komen, zou Hij ons dan niet willen helpen? ‘Bid en u zal gegeven worden!’ (Matt. 7:7).

Algemene vragen

  1. Wat zou de Heere Jezus van onze gemeente zeggen? Waar zou Hij blij mee zijn? Waar zou Hij juist niet blij mee zijn?
  2. In de Bijbelstudie wordt het lied Ik kan niet zonder U Waar hebben wij de Heere Jezus voor nodig?
  3. Staat Hij bij jou (weer) buiten? Hoe zou dat komen? Wat moet er veranderen in je leven?
  4. Wat kun je zeggen tegen iemand die de deur van zijn hart niet open krijgt?
  5. Kennen we andere voorbeelden uit de Bijbel waarin zelfgenoegzaamheid of zelfredzaamheid naar voren komen?

Studievragen

  1. Wat bedoelt de Heere Jezus als Hij in vers 21 belooft dat de gelovigen met Hem op Zijn troon zullen zitten? Hoe zou deze belofte de christenen in Laodicea kunnen helpen?
  2. Wat betekent het dat Jezus Zichzelf in vers 14 de ‘Amen, de getrouwe en waarachtige Getuige en het begin van Gods schepping’ noemt?

Bidden en danken

Dank voor het gebed van de Heere Jezus, dank ervoor dat Hij ons steeds weer opzoekt. Bid dat je nooit vergeet dat we zonder Hem niets kunnen doen (Joh. 15:5).


Verwerking bijbelstudie 2

Tekst: Marja de Kruijf-Ros

Lees samen Openbaring 3:14-22 en beantwoord daarna de volgende vragen.

  1. Wat zegt dit gedeelte over Jezus?
  2. Welke waarschuwing komt erin naar voren, ook voor mij?
  3. Welke belofte wordt hier weergegeven, ook voor mij?
  4. Welk gedeelte spreekt mij het meest aan?
  5. Welk onderdeel kan ik gebruiken voor mijn persoonlijk gebed?

Bijbelstudie 3 - De troon, het boek en het Lam

Bijbelstudie 3

Lezen: Openbaring 4-5

Zingen:
– Ps. 33 vers 6 en 10
– Ps. 103 vers 10 en 11
– Ps. 72 vers 10
– WK 433
– WK 438

Titel: De troon, het boek en het Lam

Intro
Geloven heeft alles te maken met de ‘dingen die we niet zien’ (Hebr. 1:1). Daar hebben we in onze seculiere tijd en cultuur steeds minder gevoel voor. We zijn vooral druk met de dingen die we wel kunnen zien. Het Bijbelboek Openbaring kan ons helpen om meer oog te krijgen voor de geestelijke werkelijkheid waar we zo gemakkelijk aan voorbij leven. Dat geldt zeker voor de hoofdstukken 4 en 5. God doet de deur van de hemel voor Johannes open. Hij ziet van alles, maar vertelt vooral over drie dingen: een troon, een boekrol en een lam.

Troon (4:1-11)
Eerst lezen we over een troon, de troon van God. Mooi hoe Johannes dat zegt: op de troon zat ‘Iemand’. Hij kan niet vertellen hoe God eruitziet, daar is Hij veel te groot en te bijzonder voor. Hij ziet alleen maar fonkelende, stralende kleuren, die Johannes doen denken aan edelstenen.

Rond de troon van God staat een soort hemelse hofhouding van vierentwintig ouderlingen (met witte kleren en gouden kronen) en vier bijzondere dieren. Zij maken de Heere God groot en eren Hem. Ook lezen we over bliksemstralen, donderslagen en stemmen, zeven vurige fakkels, een regenboog en een glazen zee.

God zit op de troon
Net als bij het eerste visioen in Openbaring 1 moeten we niet te veel op de details letten, en vooral het totaalbeeld naar ons toe laten komen. Dan is Openbaring 4 een plaatje, een visioen over de grootheid en de macht van de Heere God. Hij zit op de troon, wij niet, dat is een hele les. Het leven draait niet om ons, wij maken niet uit wat goed of fout is en kunnen onszelf niet gelukkig maken, dat kan God alleen. Hij zit op de troon, ook al lijkt het soms alsof dat niet zo is, wanneer we denken aan de macht van de duivel, de zonde en de dood. Maar God zegt door dit visioen: nee, Ik zit op de troon, en Ik voer Mijn plan uit, wat er ook gebeurt.

Boekrol (5:1-4)
Vervolgens komen we bij het tweede wat Johannes ziet: de boekrol in Gods rechterhand. Die boekrol is het plan van de Heere God, Zijn verlossingsplan voor de gevallen en gebroken wereld. Dat verlossingsplan is tot in de details uitgewerkt. Daarom is de boekrol vanbinnen en vanbuiten beschreven. Er kan niets meer bij. Er hoeft ook niets meer bij. Gods plan gaat over alle dingen, over de grote lijnen van de wereldgeschiedenis en over de kleinste dingen van ons persoonlijk leven.

Verzegeld
Het plan van God is echter verzegeld. Wie is het waard om de boekrol te openen en zijn zegels te verbreken? Dat zou je kunnen opvatten als: wie mag weten wat erin staat, wie mag er in de toekomst kijken? Het gaat hier echter om een veel belangrijker vraag: wie zorgt ervoor dat Gods verlossingsplan wordt uitgevoerd, zodat het nog wat wordt met deze gebroken en verloren wereld?

Het antwoord lijkt niet zo moeilijk: daar zorgt de Heere Jezus voor, de Zoon van God. Dat antwoord wordt hier echter niet meteen gegeven, want dat kun je ook te snel doen, zonder dat je echt beseft hoe wanhopig je er zonder Hem aan toe bent. Daarom moet Johannes zich eerst een wereld voorstellen zónder Jezus, en moeten wij dit als lezers ook proberen. Wie maakt er dan nog wat van? Waar is dan nog houvast en hoop te vinden?

Als Johannes erover nadenkt, moet hij hard huilen. Terecht! Er is geen andere redder. Niemand is het waard om de boekrol te openen, in de hemel niet, op de aarde niet en onder de aarde niet. Zonder Jezus heeft ons leven geen enkele zin, zonder Hem hebben we geen toekomst. Zonder Hem hebben zonde, onrecht, lijden, duivel en dood het laatste woord.

Leeuw van Juda (vers 5)
Dan zegt een van de ouderlingen: ‘Stop maar met huilen, want Jezus is er wel! De Leeuw Die uit de stam van Juda is, de Wortel van David, heeft overwonnen om de boekrol te openen en zijn zeven zegels te verbreken.’

Vooral de eerste naam voor Jezus valt op: Leeuw van Juda (zie Gen. 49:9-10). Onze Zaligmaker is als de koning van de dieren, zo groot en sterk. Hij is de grote Koning voor Wie we allemaal moeten buigen in diep ontzag, Die alle macht heeft in de hemel en op de aarde.

Een Lam
Maar dan het vreemde, het derde wat in dit visioen naar ons toekomt: als Johannes opkijkt, ziet hij geen leeuw maar een lam, geen sterk en levensgevaarlijk dier, maar een kwetsbaar en nederig dier. Geen dier dat brult en doodt, maar een dier dat stil is en zich laat doden.

Je vraagt je af: hoe zit het nu, is Jezus nu een leeuw of een lam? Hij is het allebei! Hij is groot en klein tegelijk. Aan de ene kant is Hij sterk en gevaarlijk als een leeuw. Als we ons tegen Hem verzetten en dat blijven doen, dan hebben we echt een groot probleem. Aan de andere kant is Hij zwak, kwetsbaar en nederig als een lam. Een Koning Die van Zijn hemelse troon afstapt om naar deze verloren wereld te komen, midden in onze ellende. Een Koning Die met zondaren eet, vuile voeten vast, Zich gevangen laat nemen, Zich laat bespotten en zelfs Zijn leven geeft aan een kruis. Zo, door te knielen, door Zich te laten vernederen en doden, overwint Hij de zonde, de duivel en de dood en zorgt Hij voor een nieuw begin, voor een toekomst vol van hoop. Onvoorstelbaar, de Leeuw van Juda laat Zich slachten als een Lam.

Jezus lééft
Johannes ziet echter geen geslacht Lam. Hij ziet een Lam dat stáát als geslacht. Een herinnering aan Pasen. Jezus is wel in de dood geweest, maar niet in de dood gebleven. Hij leeft. Ook al is Hij teruggegaan naar de hemel en niet langer op deze aarde: ook in de hemel is Hij aan het werk om Zijn koninkrijk te bouwen en Zijn genadegaven uit te delen, om ons tot geloof te brengen en ervoor te zorgen dat we in dat geloof volharden.

Eigenlijk lezen we hier in Openbaring 4 en 5 dus hetzelfde als in Openbaring 1. Ja, de eindtijd – de tijd tussen Jezus’ eerste en tweede komst – is een moeilijke tijd. Een tijd van verdrukking, een tijd waarin de duivel tekeergaat. Hij probeert ons te laten vallen, zo hard dat we nooit meer opstaan. Maar de Heere Jezus is er ook. Soms laat Hij Zijn macht heel duidelijk zien. Hij werkt als een leeuw, zoals bij Paulus die op een heel bijzondere manier, met veel geweld, door Jezus tot bekering wordt gebracht.

Verborgen en kwetsbaar
Meestal werkt Jezus echter anders, meer als een lam. Op een stille, verborgen en kwetsbare manier. Soms denk je: waarom zie ik er niet meer van of waarom grijpt U niet in? Soms denk je zelfs: het lijkt wel alsof Jezus aan het verliezen is.

Dan mogen we denken aan dit visioen, aan die troon, die boekrol, het Lam dat Gods verlossingsplan uitvoert. Vaak onder de schijn van het tegendeel, maar het gebeurt wel. Gods plan wordt uitgevoerd, Gods koninkrijk wordt gebouwd. Straks is het een grote menigte die niemand tellen kan, uit alle naties, stammen, volken en talen (Openb. 7:9).

Algemene vragen

  1. Hoe komt het dat christenen vroeger over het algemeen meer oog hadden voor de ‘dingen die we niet kunnen zien’? Vraagt dat van ons misschien radicale keuzes? Waar denk je dan aan?
  2. Als Johannes in de hemel kijkt, ziet hij eerst een troon. Wat zegt dat over de hemel?
  3. Dat de boekrol vanbinnen en vanbuiten beschreven is, herinnert eraan dat Gods plan over alle dingen gaat. Kun je andere Bijbelgedeelten noemen die laten zien dat Gods plan over alle dingen gaat? Wat doen deze gedeelten met ons? Vinden we het lastig of bemoedigt het ons juist?
  4. Wat doet de Heere Jezus nu in de hemel? Wat betekent dat voor ons persoonlijk?

Studievragen

  1. Vaak werkt de Heere Jezus niet als een leeuw maar als een lam. Bespreek bijvoorbeeld eens Handelingen 7:54-60 over Stefanus en Handelingen 12:1-19 over het verschil tussen Jakobus en Petrus.
  2. Hoe kun je in het dagelijks leven als gelovige en als gemeente lam en leeuw zijn? Of kun je dat niet? Zoek hiervan voorbeelden in de Bijbel.

Bidden en danken
Dank dat God Zijn Zoon heeft gegeven als het Lam van God. Bid dat we ons aan Hem en Zijn plan mogen overgeven, hoe Hij ons leven ook leidt.


Creatieve verwerking nr. 2 | rondom Openbaring 4:1-5:14 (De troon)

In dit visioen is de troon van God te zien, waarbij God regeert en niet wij, het kwaad en de duivel dus ook niet!

Verwerking
Deze verwerking is gericht op de koninklijkheid (van de troon) van God. Hier maken we kwastjes aan een slinger als koninklijke versiering.

Benodigdheden:

  • Wol of katoen
  • Kralen (hout)
  • Stukje karton
  • Schaar

Aan de slag:

  • Knip een stukje stevig karton tot een vierkantje.
  • Draai een bol wol/katoen minimaal 20 keer om het karton heen.
  • Knip een draad van 30 cm en haal deze door het geheel heen. Leg bovenin twee knopen.
  • Knip vervolgens de onderkant van het geheel door. Je hebt nu een kwastje.
  • Knip een draad van 40 cm en draai dit om het kwastje heen. Leg er weer twee knoopjes in en knip de onderkant van het kwastje gelijk.
  • Je kunt nu zoveel kwastjes maken als je wilt, afhankelijk van hoelang je de slinger wilt maken. Uiteindelijk knip je een draad op de gewenste maat van de slinger en knoop je daar de kwastjes aan. Tussen de kwastjes kun je (houten) kralen rijgen.

Tip
Je kunt van een kwastje ook een sleutelhanger maken. Rijg aan de bovenkant 2 kralen en knoop er een sleutelring aan vast.

 

Literatuurlijst

Vind je het fijn om bij het voorbereiden van de Bijbelstudie gebruik te maken van commentaren of boeken met achtergrondinformatie bij het Bijbelboek Openbaring, dan zijn deze boeken aan te bevelen:

  • H.R. van de Kamp, Openbaring, profetie vanaf Patmos (Commentaar op het Nieuwe Testament), Kok 2000
  • R. van Kooten, De dingen die met haast geschieden moeten, Praktisch commentaar op de Openbaring van Jezus Christus aan Johannes, 2 delen, Groen 2002
  • Steef Post, Openbaring begrijpen, Leeswijzer bij het laatste Bijbelboek, De Banier 2019
  • Age Romkes, Alles wordt nieuw, Openbaring, Buijten & Schipperheijn Motief 2021
  • A.W.J. Theunisse, Mensenzoon tussen de kandelaren, Bijbelstudies uit het gehele boek Openbaring (serie Artios Bijbelstudies), Groen 2021
  • Studiebijbel HSV

Bijbelstudienummer kwijt?

Je kunt het Bijbelstudienummer opnieuw bestellen (€ 7,50 + verzendkosten). Stuur daarvoor eerst een mail naar administratie@vrouwtotvrouw.nl. Je ontvangt van ons een mail met een link waarmee je het nummer kunt bestellen.