• Gepubliceerd door
  • Vrouw tot Vrouw
  • Gepubliceerd op
  • 18 mei 2026
  • Tags

Column Buitengewoon

Tekst: Judith den Uil-van Putten

Dagje weg

Ik zit op een bankje met een cappuccino, terwijl de eerste zonnestralen van de lente mijn gezicht raken. Op het tafeltje voor me staan lege flesjes Fristi en Chocomel, naast een vergeten appelflap — het spelen in de speeltuin is duidelijk belangrijker.
Om me heen klinkt het geroezemoes van spelende kinderen, geen echte stilte, maar toch voelt het rustig. Het duurt even voordat ik dat besef, voordat ik mezelf toesta om gewoon even te zitten en te genieten van de zachte lentezon op mijn wangen. 

De appelflap is slap en zompig, de appeltjes zijn niet echt lekker op smaak gemaakt, merkt de kritische bakker in mij op, maar toch is het een perfect moment.  

Het is bijzonder dat ik er niet meer pal naast hoef te staan, maar iets verderop kan zitten, met een oogje op het geheel. Mijn zoon uit alles hardop; bij elke, voor hem uitdagende activiteit hoor ik hem denken — luid en duidelijk, voor mij en de rest van het terras. 

Mijn twee kinderen spelen samen, in de speeltuin. Van zo’n dertig meter verderop klinkt het onafgebroken: ‘Mama, mama’ — zacht, hard, luid en weer wat minder luid, maar vooral heel vaak binnen één minuut. 

Nog maar een jaar geleden stond ik in dezelfde speeltuin, vlak naast de netten. Dan klom ik toch weer die touwen in, omdat hij er wel in wilde, maar het zelf nog niet lukte.
Niet zelden vond ik mezelf afgelopen jaren terug, hangend in een klimtoestel, halverwege een glijbaan, rennend naast een kabelbaan, terwijl mijn wederhelft lachend opmerkte hoe fit ik bleef dankzij ons kind. Dat fitte gevoel ervaarde ik overigens minder bij die honderden luiers die er omgeknoopt werden met steeds langer wordende benen die ergens moesten blijven.  

Maar nu zit ik hier. Nog steeds luisterend, nog steeds oplettend — maar ook zittend, met een cappuccino in de hand. 

Soms zit groei niet in grote sprongen, maar in de ruimte die langzaam tussen jou en het klimrek ontstaat. Comfortabel op een stoel zitten met de koffie nog warm en de appel in de flap, dat is nu echt een geluksmoment voor mij dat ik toevoeg aan mijn punten-om-voor-te-danken-lijstje van deze week.